1.2 Tijdlijn

Hoe vrouwen je ziek maken - Tijdlijn
Hoe vrouwen je ziek maken – Tijdlijn

Zal ik haar een berichtje sturen? Nee, ik doe het rustig aan. Ze stuurt me vast wel een berichtje via Messenger als ik haar vriendschapsverzoek geaccepteerd heb. Ik wacht een paar uur af en dan accepteer ik haar verzoek. Het berichtje via Messenger blijft uit en de tijd verstrijkt. Tot op de dag van vandaag heb ik nooit begrepen waarom ik haar nooit een bericht heb gestuurd.

Misschien was het omdat ze duidelijk niet het type was wat voor mannen zou vallen die haar een bericht sturen. Ze leek me meer het type voor een afstandelijke man. Of was het omdat ik me er te goed voor voelde? Of had ik een bericht van haar verwacht omdat ze me ook op Facebook had opgezocht? Ik vraag het me oprecht nog steeds af.

Nog meer tijd verstrijkt en de enige keren dat ze nog mijn hoofd passeert, is wanneer er toevallig een statusupdate van haar in mijn tijdlijn voorbij komt waarin ze haar Facebook-vrienden meedeelt dat ze slecht bereikbaar is omdat haar telefoon kapot is gegaan op een festival.

“Hey daar heb je haar, Romy van die avond in de kroeg.”

“Hmm, na zo’n lange poos nog een berichtje sturen…”

“Als ze wat in me zag had ze mij nu wel eens een berichtje gestuurd.”

“Wat zou ik überhaupt moeten sturen?”

Ik scroll verder en mijn gedachten verdwijnen weer in slechte grappen, babyfoto’s en andere troep die je Facebook-tijdlijn je laat zien. Maanden verstrijken en ik denk nooit meer aan haar, grappig. Later zou ik daar een moord voor doen.

Mike.

1.1 Het eerste contact

Hoe vrouwen je ziek maken - Het eerste contact
Hoe vrouwen je ziek maken – Het eerste contact

Sexy vind ik het, hoe ze met haar woeste ogen bijna schreeuwend tekeer gaat tegen een maatje van me. Ik had al eens van haar gehoord en had haar al eens gezien, maar dit was de eerste keer dat ik haar van dichtbij mag beschouwen. Alles aan haar verwondert me en trekt mijn aandacht.

“Als jouw vader er aan overleden was, had je er nooit mee gescholden!” zegt ze met een luide stem. “Je moet je doodschamen, vuile klootzak”. Hij heeft al een aantal keer zijn excuses aangeboden, maar ze blijft maar doorgaan. Ze is woest. Ik besluit me er mee te bemoeien, niet omdat ik het voor hem opneem maar wel omdat ik dit als een mooie kans zie om met haar in gesprek te komen.

Ik attendeer haar op het feit dat hij al een aantal keer zijn excuses aangeboden heeft en dat ze haar punt gemaakt heeft. Ze kijkt me verwonderd aan, bijna verbaasd dat een man tegen haar in gaat. Het leek of ze kalmeerde en ze legt uit dat ze mijn maat net kanker als een bijvoeglijk naamwoord hoorde gebruiken en dat ze dit niet normaal vindt. Ze zou ooit iemand van een barkruk afgetrapt hebben toen die het woord kanker gebruikte in een gesprek waar zij niet eens bij betrokken was. Als een echte hypocriet geef ik haar gelijk en denk ik aan mijn taalgebruik.

Op een slinkse wijze verander ik het onderwerp en inmiddels zit ze al een paar minuten naast me op een kruk en vertelt ze vol passie over haar baan, studie en haar stage. Alles aan haar trekt me aan, haar mooi billen, haar houding, de manier waarop ze dingen vertelt en haar ogen die me eigenlijk al vertellen dat ze me problemen op gaat leveren. Alles aan haar straalt problemen uit en dat is juist wat ik zo interessant aan haar vind. Alles wat me af zou moeten schrikken, spreekt me aan. Na een tijdje zegt ze me gedag en verdwijnt ze uit de stampvolle kroeg. Mijn maat komt bij me: “Pfoe wat een gek wijf, hè?” en ik realiseer me op dat moment dat ik vergeten ben om haar nummer te vragen. Kankerzooi. Godverdomme.

De volgende dag word ik wakker met een dikke kater. Ik pak mijn telefoon en bekijk het scherm.

“421 berichten in 4 gesprekken”

“Romy wil je toevoegen als vriend op Facebook”

Mike.

(Dit is de eerste blog in een lange reeks, blijf gerust doorlezen. Klink hieronder op het pijltje naar rechts; 1.2 Tijdlijn.)