1.62 De perfecte dag

Rustig bladert ze door haar studieboeken. Ik probeer niet constant naar haar te kijken maar betrap mezelf erop dat ik toch steeds weer naar rechts kijk. Geconcentreerd kijkt ze naar de pagina’s van haar psychologieboek. Af en toe schrijft ze notities neer in haar schrift. Ze is zo schattig als ze aan het studeren is. Ik vraag me af of ze met opzet zo sierlijk studeert, om me af te leiden.

“Ben je al bijna klaar met je verslag?”, zegt ze zonder mijn kant op te kijken.

Waarschijnlijk heeft ze door dat ik haar al een paar minuten stiekem zit aan te gapen. Snel kijk ik weer naar mijn computerscherm.

“Het hoeft niet perse af vandaag, zoals ik al zei”, reageer ik nonchalant.

Ze reageert er niet op. We zitten hier nu al een tijdje, op onze school. Dit is eigenlijk de eerste keer dat we echt samen zijn op school. Romy aan het studeren voor haar belangrijke tentamen en ik bezig met een verslag.

“Wist je dat je mensen automatisch leuker gaat vinden als je ze veel ziet?”

Ik weet niet precies hoe ik op haar willekeurige psychologische feitjes moet reageren, dus doe ik het maar niet.

Ik hoor haar pen klikken en kijk weer naar rechts. Weer een aantekening. Zag ze er de hele tijd al zo goed uit? Haar dromerige ogen gericht op haar boek, haar blonde haar langs haar gezicht lopend en het uiteinde van haar pen tegen haar lippen aan.

“Ga nou bezig met je verslag, ik wil niet te laat komen bij het etentje”, zegt ze weer zonder mijn kant op te kijken

“Het hoeft niet perse vandaag af, Romy.”

Opnieuw negeert ze me. Ergens denk ik dat ze wil dat ik naar haar kijk. Dat ze wil merken hoe verwonderd ik nog steeds door haar ben. Ik besluit maar door te typen om toch nog iets van het verslag te maken tot Romy me het signaal geeft dat we kunnen gaan. Na een tijdje gebeurt dat.

“Ik ben klaar en het is ook bijna tijd. Zullen we gaan?”

Ik stem in en sluit de computer af. Ik heb amper een reet uitgevoerd, het is moeilijk dingen te doen als degene waar je smoorverliefd op bent naast je zit. En nu gaat ze mee naar een familie etentje, ik voel me zo trots als een pauw.

“We moeten ook nog even een cadeautje halen voor je ouders, hè?”

We vertrekken in de auto naar de binnenstad om een cadeautje te halen. We vinden een winkeltje waar we een samengesteld pakketje vinden met wijn, kaas en andere onzin. We zijn een beetje te vroeg voor het etentje dus gaan we ergens wat drinken. Het voelt zo romantisch, zo’n dagje door de stad met Romy.

“Moet ik met dingen rekening houden?”, vraagt Romy nieuwsgierig.

“Wees gewoon jezelf, en irriteer je niet te veel aan m’n zus.”

Mijn zus en Romy lijken enorm op elkaar. Iets waar ik me een beetje zorgen over maak. Dit omdat zowel Romy als mijn zus niet met hunzelf in één kamer zouden kunnen zijn. Romy stelt nog een paar vragen over mijn zus en dan vertrekken we richting het desbetreffende restaurant.

Mijn zus in kwestie en haar vriend staan al voor de deur, dus stel ik Romy gelijk voor. We zoeken een plekje en de rest van de familie stroomt binnen. Mijn ouders vinden het cadeau geweldig en de hele familie vindt Romy geweldig. Het lijkt erop dat dit een van de weinige dingen is met Romy die wél op rolletjes verloopt.

Tijdens het etentje komt een paar keer de reis van Romy te sprake, iets waar ik me oncomfortabel bij voel. Vooral als mijn zus kritische vragen gaat stellen aan Romy en mij, over hoe we het gaan doen. Ik was de reis van Romy bijna opzettelijk vergeten, ik was er niet mee bezig. Ik ontliep de gedachte dat ik straks vijf maanden geen Romy heb. Romy doorstaat de vragen goed en redt zich prima trouwens.

Ondanks de vragen over Romy haar reis verloopt het etentje prima en nemen we afscheid. Romy slaapt bij mij. Ik mocht alcohol drinken van haar, Romy rijdt. Wat lief.

Alles is perfect.

We belanden uiteindelijk in bed na een goede dag.

“Ik vond het echt leuk met je vandaag”, zeg ik haar terwijl ik op m’n zij lig kijkend naar haar.

“Ik ook met jou. En je familie.”

“Je hebt je goed gered vandaag.”

“Dankjewel, ik moest er alleen wel mijn vrije donderdagavond voor opgeven.”

“Waar had je dan willen zijn?”

“Nergens, maar je weet dat donderdagavond mijn vaste kroegavond is.”

Ik kus haar.

“Welterusten.”

Ik zou nooit een avond kroeg boven Romy verkiezen, behalve als ik bij haar in bed zou belanden. Ik vraag me af of het omgekeerd ook zo is. Voor mij was het in ieder geval een perfecte dag.

Mike.

Wat vond je van deze post?

Geef in sterren aan wat je er van vond

Gemiddelde / 5. Aantal stemmen:

Geef een reactie